Het is bijna niet te geloven zo snel als dit jaar gegaan is, want toen was er alweer een jaar voorbij. Dus het wordt tijd voor een terugblik op het jaar 2025. In het vorige artikel schreef ik al over de successen en de mislukkingen dit jaar. Hieronder nog een korte opsomming.

Successen en mislukkingen in 2025

Successen waren de winteruien (mooi groot!) courgettes (Malachita was een hele lekkere), komkommers, sla (verrassing van het jaar: Cocarde), mais en aardappelen, wortels, paprika’s en tomaten (hoewel die laatste twee dus versneld de kas uit gehaald zijn i.v.m. luis) en ook voor het eerst meerdere aubergines en dan ook nog zonder rode spintmijt! Maar het mooiste vond ik wel de Chinese kool en de zoete aardappel. Waarom? Omdat de Chinese kool meestal niet lukt en ik nu eigenlijk voor het eerst echt een poging waagde met de zoete aardappelen. En dan zo’n oogst van 2,5 kilo, dat is dan wel heel tof. En de snijmoes is ook een ontdekking in 2025. Dat is zeker een blijvertje (lekker in de wok).

De zoete aardappel had een mooie opbrengst

Mislukkingen waren er dus ook. Daar heb ik in het vorige artikel niet veel over gezegd, maar vooral de prei en kolen hadden veel te lijden onder de droogte. En waar spinazie normaal gesproken prima lukt, was het dit jaar helemaal niets. Het kiemde vaak niet eens. En waar de winteruien een mooi formaat hadden, waren de zomeruien veel kleiner dan “normaal”. De bosuitjes gingen ook niet best. Of eigenlijk: gingen niet. En de pak choi had er dit jaar ook geen zin in. Wel kiemen maar niet groeien. En dan natuurlijk de luis in de foliekas.

Het jaar van de dieren in de tuin

Maar 2025 was voor mij toch vooral het jaar van de dieren in de tuin. Daar heb ik in een eerder artikel al wat over geschreven. De afgelopen jaren heb ik geprobeerd om de tuin zo biodivers en diervriendelijk in te richten door zoveel mogelijk biologische planten, bollen en zaden te kopen. En door waterdichte maar wel goed geventileerde egelhuisjes te maken (geschilderd met speciale natuurlijke verf die ook voor bijenkasten gebruikt wordt), nestkastjes en insectenhotels op te hangen, het vijvertje mooi helder te houden. Door te zorgen voor voldoende voer en water. En dat werpt zijn vruchten af.

Ik had het nieuwe nestkastje nog maar net opgehangen en toen kwamen er al pimpelmeesjes en koolmeesjes kijken. En een pimpelmeesjesstel heeft er een nestje in gemaakt en de jongen zijn veilig uitgevlogen. En sinds half november komt er iedere avond een koolmeesje slapen in het nestkastje. Hopelijk na Oud en Nieuw nog steeds… En de Franse veldwesp die in een nestkastje een nest heeft gemaakt en de wespen zijn uitgevlogen. Zeker drie egels die elke avond in de tuin kwamen om te eten en overdag te slapen in de egelhuisjes.

Een pimpelmeesjong kijkt vlak voor het uitvliegen uit de nestkast
Een deel van het nestje van de Franse veldwesp
Drie egels ’s avonds in de tuin. En dat gaat er niet altijd gezellig aan toe trouwens
Een slapend koolmeesje in het nestkastje

Meer inheemse struiken en boompjes

Wat ik ook gedaan heb, is meer inheemse en bij-, vlinder- en vogelvriendelijke struiken en boompjes toevoegen aan zowel de voor- als achtertuin. De perenbomen zijn inmiddels verplaatst van achter naar voor en ik heb ze in de volle grond gezet. Denk dat ze het dan toch beter doen of in ieder geval minder last hebben van de droogte. En ik heb de hortensia’s verwijderd.

In oktober was ik bij een evenement van Natural Bulbs en daar werd door Annetje Ottow en Rens de Rooij een lezing gegeven over het vergroenen van je tuin. En zij gaven aan dat een hortensia niets toevoegt aan de biodiversiteit. “Dan kon je net zo goed een tegel erin leggen”. En omdat de hortensia’s in mijn tuin vooral veel water nodig hadden om nog een beetje leuk te bloeien maar ze er zichtbaar steeds meer moeite mee krijgen, leek het me een beter idee om de hortensia’s er dan maar uit te halen en in plaats daarvan wat (deels) inheemse struiken te planten.

Verwonderlijk dat ik er nog de ruimte voor heb gevonden, maar nu is de tuin dus een vuilboompje (Frangula alnus ‘Fine Line’), zwarte bes (Ribes nigrum), witte kornoelje (Cornus alba ‘Sibirica’), viltroos (Rosa tomentosa), een wilg (Salix gracilistyla ‘Mount Aso’) en een sneeuwbal (Viburnum tinus ‘Lisa Rose’) rijker.

Die laatste twee zijn niet inheems, maar zijn wel goed voor bijen. Net als de inheemse struiken en boompjes. Daarnaast zijn sommige ook goed voor vogels door bessen/bottels. En het vuilboompje is ook nog eens een waardplant voor de citroenvlinder, het boomblauwtje en de sporkehoutspanner. Tenminste, ik hoop dit type vuilboom ook want dit is een smalbladige soort. De “gewone” vuilboom wordt een stuk groter dan deze “Fine line” en past daarom niet in mijn kleine stadstuintje.

Winterbeeld van de vuilboom Fine Line

Wat staat er voor 2026 op de planning?

Voor 2026 staan er verschillende beurzen op het programma. Dat begint begin maar al met Tuinenzo, gevolgd door de Moestuinbeurs eind maart, de eetbare plantjesmarkt bij de Tuinen van Weldadigheid in mei, het plantenfestijn in Appeltern in juni en tot slot de Ambachtelijke plantenmarkt eind september. Zat te doen 🙂 .

Voor de moestuin is de zadenlijst inmiddels compleet en zijn ook nagenoeg alle zaden gekocht. Er is nog een aantal zakjes waarvan de datum eigenlijk verstreken is, maar die kun je meestal nog steeds gebruiken, al is de kiemkracht soms niet meer van ieder zaadje goed. Mocht ik een zakje tegenkomen, bijvoorbeeld bij 1 van bovenstaande beurzen, dan neem ik die mee. Maar het is geen must.

De plattegrond moet nog gemaakt worden, maar dat is niet de lastigste klus. Daarnaast moet ik nog het e.e.a. kopen. Bijvoorbeeld hydrococo 60/40, biologische/veganistische mest (weet alleen nog niet welke). Misschien nog een mahoniestruikje? Ach, zoveel te kiezen en zo’n kleine tuin 😉 . Gelukkig heb ik een heel jaar de tijd want 2026 staat nog maar op het punt van beginnen…